Categorie├źn
Bezinning Verbinding

“Het begin van hier” – dagopening

“Ze noemen je een vreemdeling en ze vergeten dat het leven een grote onbekende is.”

Baban Kirkuki.

Gisteren was ik in Utrecht om me aan te melden als vrijwilliger bij een vluchtelingenorganisatie. Ik wil iets goeds aan de wereld bijdragen zonder dat ik ervoor betaald krijg. Gewoon, omdat het goede dat gebeurt in ruil voor geld toch wel gebeurt. Daar zorgt dat geld wel voor. Waar het geld niet is, zijn andere bronnen nodig: liefde, vriendschap, samenleving. Als die er nog niet zijn, kun je ze helpen ontstaan. Dan gebeurt voor mij “God”. Liefde zonder ruil of gunsten.

“Ze noemen je een vreemdeling
en ze vergeten dat het leven
een grote onbekende is
.”

Baban Kirkuki
In: Het begin van hier

Gisteren was ik in Utrecht om me aan te melden als vrijwilliger bij een vluchtelingenorganisatie. Ik wil iets goeds aan de wereld bijdragen zonder dat ik ervoor betaald krijg. Gewoon, omdat het goede dat gebeurt in ruil voor geld toch wel gebeurt. Daar zorgt dat geld wel voor. Waar het geld niet is, zijn andere bronnen nodig: liefde, vriendschap, samenleving. Als die er nog niet zijn, kun je ze helpen ontstaan. Dan gebeurt voor mij “God”. Liefde zonder ruil of gunsten. Niet onuitputtelijk, maar wel – voor even – onvoorwaardelijk, omdat er niets tegen overstaat behalve een goed gevoel, geleefde hoop, verbonden menselijkheid. Veel creatiever dan louter eigen belang: je voegt iets toe dat daarvoor niet was, je geeft wat alleen in relatie met een ander bestaan kan.

Zo zat ik daar in Utrecht, bij een organisatie die vluchtelingen begeleidt bij studie en werk. Een mooie missie die vluchtelingen helpt aan passend werk en Nederland aan burgers die bijdragen. Hier ontstaat het ‘nieuwe verhaal van Nederland’. Hier wil ik bijdragen.

Mooie taal! Maar dan: de werkelijkheid.

Zouden ze niet een potje hebben om me te betalen? denkt de koopman in mij. Dit is zinvol werk. Dit zijn fijne collega’s. Ik ben slim. Ik heb capaciteiten die ze kunnen gebruiken. Wat een goede match! Ik schud de gedachte los. Aanvaard haar. Ik ben mens, mijn kachel moet roken. Hoe kan ik anders dan deze gedachte denken? Ze is niet fout. Maar ze is niet waarvoor ik hier kwam. Eerst geven. Als er later wat komt, is dat cadeau gedaan.

Wat een interessante vrouw… denkt de man in mij als ik met een aantrekkelijke medewerker van de organisatie praat over mijn aanbod voor hulp. We hebben een goed, inhoudelijk gesprek, maar de communicatie tussen ons kent ook een diepere laag. Onze gevoelsgolven raken elkaar en rondom de woorden die we spreken, klinkt een echo van een heel ander gesprek over vroeger, over de wereld nu, over verlangen, over pijn, over dromen en teleurstelling.

Ik glimlach om mezelf. Deze gevoelens zijn normaal, met dit lichaam, deze ziel die door de wereld stapt en zoekt en voelt en naar verbinding tast. Hoe kan het anders dan dat ik geraakt wordt door een ander lichaam, een andere ziel die zoekt en door de wereld stapt, met gelijke verlangens… Maar hier ben ik niet voor die verlangens gekomen. Ik laat ze los.

Hoe fijn is het een kompas te hebben waarmee je door het leven koerst. Een moreel kompas voor wat je goed en fout vindt. Om door het grote, grijze water daar omheen te koersen, vraagt aandacht. Het vraagt reflectie. Maar die tijd en ruimte neem ik. Dit is hoe ik leven wil.

There are no identities, only rhythms – lees ik later bij een stadswandeling op een raam.

Wees welkom op mijn bankje
Kade te Utrecht